Hanne Van Criekinge was afgelopen zondag, net als de volledige damesploeg van Sporting Pelt, top tegen vice-kampioen Hestia Bilzen. De Peltse dames wonnen heel overtuigend in de Beker van België en zijn klaar om komende zaterdag gastvrouw te zijn voor Uilenspiegel.
Na afloop van de wedstrijd spraken we met één van de sleutelspeelsters toch wel in de ploeg van T1 Bjorn Timmermans, Hanne Van Criekinge. Wat vond zij tot hiertoe van de voorbereiding onder de nieuwe coach en hoe kijkt ze de competitiestart tegemoet?
Hanne, de coach noemde dit vooraf een referentiematch om te kijken waar het team staat. Na deze overwinning kan je wel spreken van een knappe teamprestatie?
“Ik denk dat we daarmee onze wedstrijd gewonnen”, aldus de Peltse pivot. “Als team en onze sterk defense. Die was supersterk, en zo kwamen we met twee speelsters hoger uit, en met vertrouwen achterin. Dan kan het eigenlijk niet mis gaan als we starten met zo’n sterk middenblok.”
Hoe valt het tot hiertoe mee onder de nieuwe coach, Bjorn Timmermans?
“We zijn allemaal heel aangenaam verrast”, gaat Van Criekinge verder. “We wisten niet meteen wat we moesten verwachten. Bjorn kenden we natuurlijk al wel, want hij is al actief geweest in de club maar nog niet bij de dames. Daar hadden we ergens wel wat schrik voor maar we keken er ook allemaal naar uit. Het is dan tot hiertoe ook al supergoed meegevallen. De trainingen zijn heel actief, gevarieerd en er komt goede feedback en bijsturing waar nodig. Dus we weten wat er van ons verwacht wordt en dat voeren we ook graag uit.”
Competitiestart tegen Uilenspiegel
Wat zijn de verwachtingen of wat mogen die zijn?
“Ik denk dat we met deze groep misschien wel mogen mikken op een top vijf plaats, ja. We weten dat de competitie sterker is geworden tegenover vorig jaar. Dus, we mogen niet te ambitieus zijn maar wel van onze eigen sterkte uitgaan.”
Tot slot Hanne, heb je nog een oproep naar de fans toe voor zaterdag?
“Oei, ik denk dat je dat net aan de foute persoon vraag”, lacht Van Criekinge. “De fans mogen massaal komen, dat stuurt ons wel vooruit denk ik.”
RV: Frank Gielen