Wat gebeurt er als je je op zaterdagavond op een terrasje neervlijt voor een snelle hap en je plots door een al even toevallige passant wat verderop wordt aangesproken? Juist ja. Je meende de stem al te herkennen, kijkt even op en dan zie je het gelijk. De man die je aansprak is inderdaad Eric Martens. Voormalig profvoetballer bij KFC Winterslag, later gevierd zakenman met ondernemingen als Flexpoint en The Cleaning Factory. Vandaag bovenal iemand die de nuchterheid eigen aan die zakenman ook probeert te kaderen in een vriendengroep. De fietsvrienden van ‘Het Drinkend Wiel’ kijken uit naar driedaagse, die er begin september aankomt.
Snel even bijschuivend aan het tafeltje van zijn gezelschap, herkennen we snel nog wat notoire Bilzenaren als Guy Loix, Stefan Bodvin, André Gerkens of burgervader Bruno Steegen. Met de snelheid waarmee dokters, advocaten, zakenmensen of burgemeesters door het leven snorren, proberen de vrienden ons meteen in hun verhaal te betrekken. Wat volgt is het aan mekaar rijgen van verhalen (al dan niet wat aangedikt) en bijblijvende anekdotes. Het moet een als deze met leuke herinneringen doorspekte namiddag zijn, waarin Frans Theunisz de inspiratie vond om één van zijn beklijvendste carnavalshits uit te schrijven. Aan dit tafeltje, pal bij de Nederlandse grens duiden wij even de setting met de woorden van Frans.
‘Eve lekker oet de sleur, gein gezeiver en gezeur, even oet de maotsjappij, wie e veugelke zoe vrij. Gaon nog neet naor hoes, veul miech heij zoe thoes. Heij is ’t altied raak, heij weurt de kachel aongemaak.’ Voor een goed begrip, de tien hadden er zopas een dikke 80 kilometer opzitten. Zij stopten even voor een verfrissing. En sprongen dan weer op de fiets om weer naar de thuishaven te pedaleren. Als een hoentje zo fris en met enkele regendruppels op de glimmende fietshelm maalden zij het laatste stukje van hun training af.
Nog even een zwaai en meteen de bocht om, amper een glimp opvangend van hun blitse tweewielers. Net voordien toonden ze met terechte trots het eigen ontworpen embleem op de knappe wieleroutfit. Nauwkeurig gladstrijkend, zodat we ook alle details konden ontwaren, werd het ons meteen duidelijk. Hier is werkelijk aan elk detail gedacht. Zelfs de bodem van het fris getapte glas past met al zijn hoekjes perfect in de ronding van Het Drinkend Wiel. Dat het een pint werd, heeft ook zijn reden natuurlijk. Als ondernemer steun je immers een collega, waarvan zopas bekend werd dat de cijfers diep in het rood gingen. “Alken-Maes verdient dan ook onze onvoorwaardelijke steun”, verduidelijkt Eric meteen.
“Je zal je misschien afvragen wat ons, de fietsvrienden van ‘Het Drinkend Wiel’ drijft. De sportieve prestatie is voor ons allen met een sportieve achtergrond niet langer de hoofdreden. In onze drukke bezigheden zoeken wij evenwel allemaal een uitlaatklep en als je dan met vrienden op geregelde tijdstippen is dat des te leuker. Dit jaar trekken we naar een hotelletje in Tienen. Onze ‘koers service’ zeg maar, van waaruit onze fietstochten vertrekken en waarbij we ook stilstaan bij een aantal wetenswaardigheden. Een vrolijke bende die mekaar door dik en dun steunt en waarbij éénieder ook zijn inbreng heeft.” Het is ons na die intense babbel wel duidelijk. De fietsvrienden van ‘Het Drinkend Wiel’ zijn er haast helemaal klaar voor!
Foto: RV Johan Hansen